FA69 — Mensenrechtenbescherming buitenlands verankerd
Het Feit
Door art. 120 Gw geen interne toetsing; fundamentele rechten afdwingbaar via EVRM/UVRM extern.
Door art. 120 Gw geen interne toetsing; fundamentele rechten afdwingbaar via EVRM/UVRM extern.
[FA69·K5] — Morele outsourcing Kanttekening bij FA69 VELD: Staatsrecht / Filosofie / Macht
Wanneer een staat zijn geweten uitbesteedt, verliest hij zijn ziel maar behoudt zijn gezicht.
De verplaatsing van mensenrechtenbescherming naar supranationale instellingen was geen toeval, maar een angstreactie.
Na de oorlog wilde men voorkomen dat rechters opnieuw politiek zouden worden; men koos voor veiligheid via afstand.
Zo werd morele toetsing een buitenlands product: in naam universeel, in werking bureaucratisch.
Wat bedoeld was als bescherming van de mens, veranderde in bescherming van de staat tegen zijn eigen morele verantwoordelijkheid.
De rechter werd technicus, de wetgever regisseur, en de mens toeschouwer.
Europa werd het alibi voor nationale stilte.
Deze constructie handhaaft orde, maar verstikt verantwoordelijkheid.
Ze zegt: wij zijn humaan, kijk maar naar Straatsburg, terwijl de menselijke toets zelf is verdwenen uit de rechtszaal.
Waar het geweten geoutsourcet wordt, blijft alleen procedure achter om de leegte te vullen.
De Leugen
Deze sectie beschrijft de leugen of misvatting die aan dit feit ten grondslag lag.
De Ontdekking
Deze sectie beschrijft het proces van ontdekking: welke vragen werden gesteld, welke observaties werden gedaan, en hoe het inzicht ontstond.
De Argumenten
Deze sectie bevat de argumenten die dit feit ondersteunen en weerlegt tegenargumenten.
De Zoektocht
Deze sectie beschrijft welke nieuwe vragen en onderzoeksrichtingen uit dit feit voortkomen.