FA226: Aanname van bevoegdheid en titel zonder getoonde stukken
Het Feit
In tucht- en executiezaken wordt bevoegdheid (wie mag handelen) en titel (waarop rust de dwang) vaak aangenomen op grond van zinnen als “uit de overgelegde stukken blijkt…”, terwijl die stukken niet in de openbare beslissing staan en voor de benadeelde niet raadpleegbaar hoeven te zijn. Tegelijk moet de benadeelde wél hard aantonen wat wél openbaar of zelf gedocumenteerd is (schorsing, register, KvK, faillissementsverslag).
Dat is geen nieuwe theorie. Het is de concrete uitwerking van FA225: omgekeerde documentatiedruk + asymmetrie van bewijslast, nu zichtbaar gemaakt met hof-stukken en parallelle bronnen.
De Standaardverklaring
Het hof of de kamer heeft de stukken gezien; de uitspraak hoeft niet elk bijlageblad te publiceren. Privacy, beraad en “reeds overgelegd” beschermen de procedure. De rechtspersoon in de titel volstaat; de natuurlijke persoon is intern bekend. Wie twijfelt, moet Woo, griffie of tucht opnieuw doorlopen.
Waarom die verklaring niet klopt
1. Aanname is geen toets voor de ander
“Uit de overgelegde stukken blijkt…” zonder die stukken aan de wederpartij of de openbaarheid te tonen, is geen wederzijdse toets. Het is een gesloten cirkel: de instantie ziet, de benadeelde mag geloven. Zie FA221 (keten opdrachtgever + bevoegde deurwaarder) en FA194.
2. Wat wél hard is, mag; wat ontbreekt, mag schuilen
Schorsing, faillissementsverslag en register-screenshots kunnen openbaar of zelf vastgelegd zijn. Het ministerieel besluit (toevoeging) en de executoriale titel die “overgelegd” zouden zijn, blijven in de beslissing onzichtbaar. De bewijslast is omgekeerd: de benadeelde moet tonen; de wederpartij mag schuilen achter niet-getoonde documenten.
3. Rechtspersoon in de titel, mens buiten beeld
De naam van de rechtspersoon (bijv. nutsbedrijf of kantoor) volstaat in de praktijk als “wie”. De natuurlijke persoon met verifieerbare bevoegdheid blijft onzichtbaar. Dat is hetzelfde mechanisme als FA222 en FA102. Uitwerking van die ontbrekende bron: FA228.
4. Bestuursrechtelijke parallel: geen “mens achter de knop” = motiveringsgebrek
Waar een bestuursorgaan niet kan ophelderen of een algoritme of anonieme massapraktijk de beslissing stuurde, of of de genoemde functionaris feitelijk betrokken was, oordeelt de rechtspraak over transparantie en mandaat. Dat is geen 1-op-1 overwinning in elke civiele of tuchtzaak, wél een patroonanker: effectieve rechtsbescherming vereist toetsbare menselijke bevoegdheid. Zie Case Matcher, BPM-mandaatverbod en mandaat-inwerkingtreding hieronder.
5. Art. 11 Wet AB / art. 120 GW verklaren de houding, niet de ontbrekende keten
Instanties mogen zich aan wet-als-tekst en protocol vasthouden (FA220). Dat heft niet op dat per dossier wie en bevoegdheid op datum aantoonbaar moeten zijn als er dwang of tucht volgt.
Directe bronnen en observaties
| Bron | Wat het vastlegt |
|---|---|
| Gerechtshof Amsterdam 9 juni 2026, zaak 200.358.612/01 (o.a. ECLI:NL:GHAMS:2026:1538) | Hernieuwde toevoeging / bevoegdheid aangenomen op “overgelegde stukken”; ministerieel besluit 16 november 2023 niet zichtbaar in de openbare beslissing; titel eveneens als overgelegd aangenomen zonder weergave |
| Beroepschrift 30 augustus 2025 + bijlagen | KvK-uittreksels; faillissementsverslag F.10/20/288; keten Stedin / deurwaarder |
| Screenshot / verslag 7 augustus 2020 | Tuchtrechtelijke schorsing 27 juli 2020 — wél hard aantoonbaar |
| ECLI:NL:RBDHA:2026:9326 | Case Matcher / algoritmische transparantie; motivering (art. 3:2 / 3:46 Awb) |
| ECLI:NL:RBZWB:2026:4257 | BPM; mandaatverbod / feitelijke betrokkenheid van de genoemde functionaris |
| ECLI:NL:RBZWB:2021:5940 | Mandaat moet op handelingstijdstip rechtsgeldig en kenbaar zijn |
| Art. 45 Rv, Handelsregisterwet, art. 11 Wet AB, art. 120 GW | Wettelijke ankers voor wie / bevoegdheid / toetsbaarheid |
| Ervaring | Grok juli 2026 — omgekeerde transparantie |
Patroon
Wat hard openbaar of zelf vastgelegd is, telt. Wat “overgelegd” heet maar niet getoond wordt, mag de aanname dragen. De benadeelde documenteert; de wederpartij schuilt. Dat is FA225 in werking — hier als aparte ankerpunt: aanname zonder getoonde stukken.
Gerelateerde FeitenAnkers
Aanvulling bij FA226? Bron, scherpere formulering of tegendraads inzicht, altijd naamloos.
Bijdrage indienen →